Kerst in Berlijn

Auteur: Ina Ter Avest

Na een paar dagen in Berlijn begin ik haar te herkennen, de vrouw met het winkelwagentje. Op weg naar de Kita (crèche) met mijn kleindochter komen we haar tegen. Ze is – weet ik inmiddels – op weg naar de plek waar ik haar later op de dag zal zien. Ze zit dan op een muurtje voor wat vroeger de Moabit gevangenis was. Daar bedelt ze haar leventje bij elkaar.

De vrouw met het winkelwagentje

Ze is niet de enige die zichtbaar onzichtbaar is in de Berlijnse samenleving. Ze is onzichtbaar, omdat ook ik, letterlijk en figuurlijk, de andere kant op kijk als mijn kleindochter vraagt: ‘Oma, wat heeft die mevrouw allemaal in haar winkelwagentje?’ En ik haar vervolgens ontwijkend antwoord – dat het spullen zijn die ze wegbrengt.

Onzichtbaar

Het beeld blijft echter in mijn hoofd hangen – de vrouw, schamel gekleed, met in haar winkelwagentje spullen die voor mij geen enkele waarde hebben. Niet alleen ìn het wagentje, ook ààn het wagentje bungelen verkleurde plastic zakken met .. ja met wat?  Waardeloos voor mij; zo waardevol voor haar dat ze het de hele dag met zich meesleept. Ze kijkt niet op of om en duwt haar hele leven voor zich uit.

Ze is niet de enige in Berlijn. Zij maakt dat ik de rest van de dag zie wat onzichtbaar is. Dit geldt niet alleen voor Berlijn trouwens, maar voor al onze samenlevingen. Mensen die we geen blik waardig gunnen. Mensen die ons ook al niet meer aan kijken. Mensen die we er niet bij kunnen hebben, ondanks de grote woorden over een inclusieve samenleving.

Foto door Bucket List Studios, Berlijn

Inclusief

Ik zie bedelaars op het Hauptbahhof, op weg naar de tentoonstelling in het Humboldt Forum, over de geschiedenis van Berlijn vanaf de 20e eeuw. Een door de Nederlander Paul Spies ingerichte tentoonstelling. Op innovatieve en interactieve wijze brengt hij de rijke geschiedenis van deze Duitse stad tot leven.

Een tentoonstelling waarin voorspel en gevolgen van de 2e wereldoorlog dominant aanwezig zijn. Een tentoonstelling die een beeld geeft van de alternatieve scene van hippies in de 60-er jaren tot techno scene in het begin van de 21e eeuw. Een tentoonstelling die de culturele rijkdom van de stad laat zien. Een tentoonstelling die de problemen op de doorgeschoten huizenmarkt toont.  Een tentoonstelling, kortom, die Berlijn in al z’n facetten zichtbaar maakt. Een inclusieve tentoonstelling.

Boos

Ik zie het tentenkampje, waar vluchtelingen zich gesettled hebben – geen water, geen toilet. Mensen zijn boos over dit illegale kampement. Boos dat ‘ze’ er zo’n troep van maken. Boos over ‘hun’ mensonwaardige manier van leven. Boos omdat ‘ze’ niet in beweging komen als één van ‘ons’ – een vrijwilliger van de evangelische hulppost in het stadsdeel Moabit –  ‘hun’ troep opruimt. Boos omdat die vrijwilliger ‘…und betet zum Herrn’ – wat op de muur van het aangrenzende appartementengebouw staat geschreven – in praktijk brengt door stug door te gaan met deze menslievende actie. Een menslievendheid die deze mensonterende situatie eigenlijk mee in stand houdt.

“Verpiss Dich!”

Ik zie, achter de glazen gevel van ‘Motel One’, groepjes mensen, pratend, lachend, het glas heffen. Ik ben op de terugweg van het Humboldt Forum naar de Kita om mijn kleindochter weer op te halen, Ik loop vervolgens langs diezelfde evangelische hulppost waar mensen zich verzamelen voor een maaltijd.

En daar staat ze: ‘mijn’ vrouw met haar winkelwagentje. Ze is één van de lange rij van mensen die wachten op hun maaltijd, zwijgend. ‘Mijn’ vrouw schreeuwt in mijn richting, ze is boos. “Verpiss Dich!” Voor haar ben ik ‘de samenleving’ die haar het liefst onzichtbaar maakt. Voor mij is zij ‘de vrouw met het winkelwagentje’, die ik zelfs niet kan groeten, omdat ze al lang geleden opgehouden is haar blik te richten op mensen die haar niet zien staan.

En ik? Ik verdring mijn bozige machteloosheid. Ik loop door, naar huis en zing samen met mijn kleindochter kerstliedjes.


Omslagfoto door Fantareis via Pixabay