Vandaag, 17 oktober, is de Internationale Dag voor de Uitroeiing van Armoede

Auteur: Dries van Tendeloo, Msc

In 1992 werd 17 oktober door de Algemene Vergadering van de VN uitgeroepen tot dag voor de uitroeiing van armoede, met een oproep aan alle lidstaten om zich toe te leggen op concrete activiteiten gericht op de eliminatie van armoede en sociale ellende.

En dit is zelden minder relevant geweest, want als gevolg van de covid-19 pandemie zijn er dit jaar alleen naar schatting tussen de 143 en 163 miljoen mensen in de armoede beland, waarvan de helft in zuid-Azië en een derde in Sub-Saharaans Afrika.

Tijdens de gezondheidscrisis, in 2020, werd de Belgische jurist Olivier De Schutter aangesteld tot speciale VN-rapporteur voor extreme armoede en mensenrechten. Het effect van de pandemie op de armoedecijfers zal […] dramatisch zijn,” voorspelde De Schutter bij zijn aanstelling. “De covid-19 crisis heeft de tekortkomingen van onze sociale bescherming blootgelegd”. “55% van de wereldbevolking heeft helemaal geen sociale bescherming en slechts 29%, geconcentreerd in rijke landen, is in alle levensfasen gedekt. Bovendien heeft 61% van de wereldwijde beroepsbevolking, of 2 miljard mensen, een onzekere baan in de informele economie zonder sociale bescherming.”

Waarom geven we hieraan extra aandacht op 17 oktober? De datum gaat terug tot 1987, toen 100,000 mensen zich verzamelden op het Plaza voor de Mensenrechten in Trocadéro, Parijs, waar zij een gedenksteen plaatsten voor de slachtoffers van armoede, honger, geweld en angst in de wereld. De inspiratie en het initiatief hiervoor kwam van Joseph Wresinski, een Franse priester en mensenrechtenactivist, die de beweging ‘ATD (= hulp bij iedere nood) Vierde Wereld’ had opgericht in 1957.

Met ‘vierde wereld’ bedoelde hij de armen in zowel geïndustrialiseerde landen als in ontwikkelingslanden. Wresinski legde tijdens zijn leven de nadruk op de waardigheid en het zelf-respect van mensen in armoede, alsook op het belang van hen actief te betrekken bij elk project. Opmerkelijk is dat hij daarom sommige vormen van liefdadigheid afwees – bvb. de klassieke soepkeukens van zijn tijd – omdat deze te vernederend zouden zijn, aldus Wresinski.

Wat zijn de betere oplossingen in de wereld zoals deze nu is? VN-rapporteur voor extreme armoede De Schutter wijst op het potentieel van structurele ingrepen: “Tijdens de covid-19 crisis heeft een groot aantal landen met spoed […] systemen gecreëerd om de meest kwetsbare groepen te helpen, of ze hebben de voorwaarden voor toegang tot de bestaande systemen versoepeld. Die systemen moeten duurzaam worden gemaakt en een beleid van permanente sociale bescherming moet worden aangemoedigd.”

Welke bijdrage kunnen we zelf leveren, in groep of als individu? Wresinski zou op deze vraag mogelijk geantwoord hebben dat we in de eerste plaats moeten samenkomen op publieke plaatsen met gelijkgestemden, zo zichtbaar mogelijk – want de armen zijn vooral onzichtbaar, eenzaam gescheiden in hun isolatie of verborgen achter allerlei façades. Dit verzamelen in het zicht kunnen we ook maar beter zo luid mogelijk doen – bvb. in samenwerking met de klimaatbeweging, wiens filosofie en doelstellingen samenlopen met de bredere armoedebestrijding, in de optiek dat klimaatrampen in de eerste plaats de armen treffen.

Bronnen:

https://www.un.org/en/observances/day-for-eradicating-poverty

https://unric.org/nl/vn-armoede-expert-prioriteit-moet-gaan-naar-het-bevorderen-van-gelijkheid/


Omslagfoto door AD_Images via Pixabay